‘Het humanisme van de ander’ door Prof. Joachim Duyndam

De Vrijplaats, Zondag 20 maart 2016, verslag door Diana Tempelman

Deze zondag staat een inleiding en dialoog op het programma door prof. Joachim Duyndam.

Joachim DuyndamDuyndam is hoogleraar humanisme en filosofie aan de Universiteit van Humanistiek en groot Levinas-kenner. Hij neemt ons mee in ‘het humanisme van de ander’, een visie van de baanbrekende Joods-Franse filosoof Emmanuel Levinas. Hoe doet ‘het gelaat van de ander’ een appèl op ons. Wat kunnen wij nu, in deze tijdgeest en onze eigen levenskunst, nog met zijn visie? Wat staat het humanisme te doen volgens Duyndam.

Filosofisch debat

Duyndam begint zijn introductie van Levinas met de opmerking dat voor elke filosoof geldt dat zijn/haar stellingen geuit worden in het kader van een debat met andere filosofen, met het doel om steeds dichter bij de realiteit te komen en concreter te worden. Om Levinas’ werk goed te kunnen begrijpen is het daarom belangrijk te weten aan welk filosofisch debat hij bijdroeg. Vandaar het volgende overzicht:

  • edmund_husserl_1Edmund Husserl (1859 – 1938) wordt gezien als de grondlegger van de fenomenologie; de leer van datgene dat verschijnt. Hij probeert de kloof tussen het empirisch (wat je ziet) en het rationele denken (wat je beredeneert) te sluiten. Husserl stelt dat “het enige zekere is dat ik me van de werkelijkheid bewust ben”. Het bewustzijn is een relatie (je bent je bewust van iets). Dat bewustzijn is het cruciale punt volgens Husserl.
  • Martin Heidegger (1889 – 1976) stelt dat “we alleen vanuit de dingen denken”. Hij beschouwt het zijn als het cruciale punt. Duyndam gaat hier niet nader op in omdat Heidegger’s werk zo uitgebreid is dat het een aparte lezing nodig heeft.
  • Maurice Merleau-Ponty (1908 – 1961) beschouwt het lichamelijke van ons bestaan als het belangrijkste punt, omdat het lichamelijke bestaan het bewustzijn beïnvloedt. Voor hem gaat het om de relatie tussen het subject en het object.
  • hannaarendtsudomenica16ye8Hannah Arendt (1906 – 1975) heeft kritiek op Merleau-Ponty en beschouwt zijn stellingen “allemaal eenzame verhalen”. Niet iedereen is hetzelfde en iedere activiteit kent drie aspecten: arbeid – werk – handelen. Juist het laatste aspect, handelen, impliceert altijd een relatie met anderen.
    Duyndam geeft hier als voorbeeld het verhaal van Robinson Crusoe. Bekeken vanuit een filosofisch perspectief, zag je dat Robinson Crusoe aan alles ging twijfelen toen hij alleen en eenzaam op het eiland zat. Zelfs de grond waar hij op loopt werd in twijfel getrokken. Door een strakke dagindeling op te zetten probeerde hij regels en rituelen te creëren die de anderen zogenaamd zouden weerspiegelen. Toen dat niet het gewenste effect had, gaf Crusoe alles op. Daarna wordt een tweede persoon, Vrijdag, in het verhaal gewerkt om de relatie met een ander te kunnen hebben.
  • Emmanuel Levinas (1906 – 1995). Later meer over hem, maar ligt chronologisch op dit punt in deze reeks.
  • GirardRené Girard (1923 – 2015) benadrukte het belang van hoe het ‘geweld van groepen’ invloed heeft op je denken. Ter illustratie haalt Duyndam een voorbeeld uit de Bijbel aan. Uit een menigte wordt Jezus de vraag gesteld wat te doen met een overspelige vrouw? Waarop hij antwoordt: “Wie zonder zonde is, werpe de eerste steen”. Hiermee probeert Jezus mensen individueel verantwoordelijk te maken voor hun denken & handelen.

Duyndam legt uit dat vanuit een filosofisch standpunt het belangrijk is om relaties te kennen. Hoe verhoudt een mens – het leven – zich tot de wereld en tot zichzelf? Hoe zijn die verhoudingen mogelijk: veel ‘Wat is’-vragen; Hoe werkt dit of dat, hoe is het gekomen dat…? De grondvraag is ‘Hoe kan ik iets weten?’.

Hiertoe haalt Duyndam ook de 17e eeuwse filosoof Descartes aan die als grondlegger van de moderne filosofie wordt beschouwd. Descartes vroeg zich af hoe hij betrouwbaar iets kon weten? Hij kwam tot de conclusie dat omdat je alles kon betwijfelen, de TWIJFEL het enige rotsvaste uitgangspunt is in het leven.

De verhouding tussen ik en de ander

Duyndam legt uit dat het Levinas te doen is om de verhouding tussen ik en de ander en jouw reactie op die verhouding bepaalt ‘jou’. Duyndam geeft een aantal voorbeelden:

  • Terwijl je langs een oudere vrouw loopt valt zij. Wat gebeurt er dan: Help je haar op? Breng je haar naar huis? Blijf je voor haar zorgen? Tot in het oneindige?Het feit dat die vrouw valt kan een appèl op je doen, maar een ‘appèl-op-je-doen’ op zich is geen handelen. Alleen jij als subject kan besluiten tot handelen en hoe je wilt handelen. Levinas noemt ‘het-appèl-op-je-doen’, het gelaat van die oude vrouw, ook wel het effect van die oude vrouw op jou. Effect is iets tussen de ander en mij, maar het is geen handeling; het is een effect.
  • Een lange echtgenoot voorkomt de aanschaf van een huishoudtrapje
    ‘Voorkomt’ is in dit voorbeeld het effect.
  • Je ontvangt een uitnodiging om naar een feestje te gaan.
    De ‘uitnodiging’ is het effect van de ander. Hiermee maakt de Ander jou uniek, want alleen jij kunt bepalen of je wel of niet op de uitnodiging gaat reageren en hoe.

Levinas In Levinas’ termen heet dit Positieve Uniciteit, je wordt pas uniek door de uitnodiging van de ander; de uitnodiging (het effect) geeft je de kans om te handelen en je daarmee te onderscheiden (uniek-maken) van de Anderen. Levinas’ reflecties wilden geen sociale filosofie uitdragen, maar simpelweg duiden op het effect. Het is aan het individu om te reageren.

Naar Duyndam ziet Levinas de begrippen Verantwoordelijkheid en Vrijheid als volgt: “jij bent de eerste verantwoordelijke (in het handelen), maar in de mate van je verantwoordelijkheid ben je vrij”. Echter, omdat dit voor iedereen geldt, moet je soms de vrijheid inperken met behulp van regels, om de vrijheid voor iedereen te behouden.

Afsluitend heeft Duyndam het nog over het Humanisme van de andere mens dat gaat over de ‘Ik en de ander verhouding’. Het belangrijkste woordje in deze zin is het woordje EN, dat een win-win situatie veronderstelt. Daarmee wordt het het meest moeilijke woordje van de zin.

Als laatste geeft Duyndam Levinas’ bevindingen weer over:

  • Totaliteit en Oneindigheid, waarbij Levinas stelt dat Totaliteit meer een afgerond geheel is en de Oneindigheid daar buiten staat. Ook daar is het woordje EN Bijvoorbeeld: rapporten met titels als: ‘Economische vooruitgang EN milieu’, ‘Bereikbaarheid EN milieu’.
  • Onafhankelijkheid en Afhankelijkheid, waarbij Levinas stelt dat je een zekere onafhankelijkheid moet bewaren van je afhankelijkheid om nog te kunnen genieten. Oftewel, je moet een zekere losheid en flexibiliteit houden van de totaliteit om nog te kunnen genieten. ‘Genieten’ is hierbij dan een ervaringsgegeven. Bijvoorbeeld:
  1. een verslaafde kan geen verantwoordelijkheid nemen, omdat de persoon totaal afhankelijk is van drugs of eten; of
  2. een asceet, die geen verantwoordelijkheid kan nemen omdat de persoon zowat totaal onafhankelijk is van eten.‘Genieten’ zit er tussenin, waarmee je het appèl van de ander nog kunt zien.

DIALOOG

Vraag: Het Gelaat van de ander. Kunnen we ons oefenen in compassie à la Levinas?Duyndam: Narcisme is een uitvergroting van de Ego; je moet oog krijgen voor het Gelaat, om het appèl van de ander toe te laten. Voorbeeld: je komt een wachtkamer binnen die vol zit met …… (anders dan jij). Wat dan? Het is dan een goed ritueel om duidelijk “goedemorgen” te zeggen.

Vraag: Wanneer wordt het ‘bemoeien’?
Duyndam: ‘Bemoeien’ is iets van het subject, niet van de Ander. Levinas geeft geen moraal. Elke (re-)actie is de vrijheid van het subject. Levinas’ focus ligt niet op een ik-gericht humanisme. Volgens hem wordt het pas humanisme als de focus op de Ander is en ontstaat uit een dialoog, waarbij echte dialoog alleen mogelijk is tussen twee gelijke partijen.

Vraag: Hoe voorkom je dat je omkomt in de vele Gelaten van anderen, bijvoorbeeld de appèls die je ziet in een ziekenhuis, verzorgingshuis?
Duyndam: Als je teveel ‘Gelaten’ ziet, krijg je een soort verlegenheid en gaat het meer over de anonieme Ander. Ook hier zou je een zekere onafhankelijkheid van de situatie moeten bewaren; elke totaliserende beweging bevat ook een zekere losheid.

Vraag: Is het Gelaat anders voor visueel gehandicapten?
Duyndam: Daar wordt momenteel onderzoek naar gedaan. Levinas stelt echter dat het Gelaat niet cultureel bepaald is.

Helen Land bedankte professor Joachim Duyndam hartelijk voor zijn inspirerende inleiding en sprak de wens uit dat hij later in het jaar nogmaals een inleiding zou geven over één van de andere filosofen waarmee hij bekend is.