De herinneringsbrochure

de Brochure over 60 jaar Modern Beraad en de Vrijplaats

      1958                   60                  2018Logo de Vrijplaats


        Feestelijke jaarlunch Modern Beraad 2001


Modern Beraad en De Vrijplaats

60 jaren zoektocht in vogelvlucht

In deze brochure, samengesteld ter viering van het jubileumjaar 2018 van Modern Beraad en De Vrijplaats, zijn sfeerbeelden en citaten van spraakmakende sprekers en leden opgenomen.

In 1958 wordt ‘de Haagsche Kring’ opgericht, als afdeling van ‘de Vrije Gemeente’ uit Amsterdam. De Vrije Gemeente geeft ruimte aan persoonlijke geloofservaring. Centraal staan ‘vrije’ religie en het ontwikkelen van ethisch waardenbesef, met een brede openheid naar alle religies, zonder dogma’s of godsbeeld. De Haagsche Kring groeit in 1971 uit tot de vereniging ‘Modern Beraad’. De naam wordt als volgt verklaard: ‘Modern’ voor het openstaan voor eigentijdse problemen, zowel persoonlijk als maatschappelijk, en ‘Beraad’ voor de vrijheid van de leden om hun eigen visie te ontwikkelen. In 1983 spreken de statuten van “bezinning op vragen van levens- en wereldbeschouwing in religieus humanistische geest, ter bevordering van een eigen levenshouding”.

Sfeerbeelden. Uit verslagen blijkt dat het gebruikelijk was om de lezingen op zondagochtend in het pand aan de Laan van Meerdervoort 1A te omlijsten met muziek. Met dit ritueel werd de bijeenkomst begonnen en afgesloten. De contacten van de leden onderling werden vaak persoonlijk. Er ontstonden warme vriendschappen en er was wederzijdse zorgzaamheid.


Modern. Sinds 1973 was er al aandacht voor maatschappelijke ‘vervreemding’ in een materialistische en weinig zingevende samenleving, met programma’s in de jaren ’80 over de kosmos, spiritualiteit en ethiek, en met lezingen over nu nog actuele filosofen als Levinas, Buber en Taylor. Vooral Levinas was populair bij Modern Beraad, met zijn humanisme gericht op de andere mens, die ons steeds oproept tot mededogen. Lezingen gingen ook al in de jaren ’70 expliciet in op humanistische waarden en kernbegrippen als redelijkheid en zedelijkheid, verantwoordelijkheid en humaniteit. Vrijzinnig spreker dr. R. Nepveu zag in 1984 “een humanistische religie, waarin de mens zich gesteld ziet voor de vraag autonoom te denken en handelen. Deze mens zal uitgaan van het recht zelf te kiezen, op grond van eigen nadenken, wat men ook zijn medemens gunt. Hij zal altijd met erkenning van het niet-rationele in het bestaan opkomen voor een plicht en roeping zichzelf te ontplooien tot een redelijk en zedelijk wezen, want alleen langs die weg is een humane samenleving mogelijk. Die religie zal elke dogmatiek op religieus, maatschappelijk of politiek terrein afwijzen, omdat daardoor de humaniteit in het gedrang kan komen.”


Verdieping. Theoloog prof. dr. Smits, beeldbepalend voorzitter van 1980-1995, zocht steeds naar de ‘dieptedimensie van het bestaan’, rondom ethiek en mystiek: “De mens is een strevend, zin zoekend en zin gevend wezen.” Hij zag een realistisch ‘geloof’, dat erkent dat het bestaan vaak tragisch is. De houding is “besef van de ondoorgrondelijkheid van het leven, het geloof in de roeping van de mens tot geestelijke vrijheid en het gevoel geleid te worden naar een doel.”


Verwondering. Spreker Han Sie Dhian Ho: “De bron is verwondering en verbinding met een groter geheel, een verwondering over de natuur, de kosmos, het openstaan voor het onverklaarbare, het mysterie, dat alle onderzoekende mensen soms overvalt. Vanuit die open houding kan je je verbinden of opgaan in een groter geheel. In die zin ben je dan – bij gebrek aan een beter woord – ‘religieus’, wat letterlijk hier betekent dat je je verbindt, troost of kracht vindt in iets groots, iets waar geen woorden voor zijn.” En spreker A. Fokker legt in 2002 daarover uit: “Bij een religieus besef voel je je opgenomen in een alomvattend geheel en is men bewust deel van een proces, dat het menselijk bevattingsvermogen te boven gaat. Dat besef toont zich in attitudes als verwondering, respect, verantwoordelijkheidsgevoel, ontvankelijkheid en compassie.”


Het Zijn en de Zin. In 2000 sprak filosoof Koo van der Wal kritisch over het Hebben en het Zijn: “Minder welzijn komt voort uit onze westerse levensstijl, zoals verzakelijking van de werkelijkheid in een mechanistisch wereldbeeld, de afstand tot de natuur, de plicht ontwerper te zijn van het eigen bestaan, steeds maar rusteloos. We hebben last van ‘Zijnsvergetelheid’. Wat wordt er dan gemist? De spirituele dimensie. De vraag naar onze herkomst en bestemming, identiteit, het waarom en het meest traditionele thema van de filosofie: de zinvraag. De mens is immers een zinzoeker, die zich wil plaatsen in een groter verband of verhaal.”


Zoeken. Kortom, men deelde een zoekende levenshouding, vanuit beleving, verwondering en verbinding. Er waren lunches, wandelingen en huiskamergesprekken. Men bewaarde enige afstand tot het atheïsme; leden waren vrijzinnigen, zoekende spirituelen, brede humanisten en agnosten.

Han Sie Dhian Ho zegt: “Er zijn vele soorten humanisten”. De leden zagen hun gedachtegoed als een eigenstandige stroming, tussen dogmatische gelovigen en de secularisering van toen. De visie groeide in fasen sinds ’58 tot nu, van vrijzinnig gelovig via religieus humanistisch naar breed humanistisch, steeds ondogmatisch en bruggen bouwend. Ze verkenden raakvlakken met boeddhisme, soefisme en vrijmetselarij. Daarmee bleef het ook zoeken naar een – voor anderen – helder profiel als vereniging.


Openheid. Cees Maas (voorzitter 2010-2012) zegt over de cultuur bij het Modern Beraad: “Het grondprincipe was verdraagzaamheid en luisterbereidheid”. Breed gedeelde waarden, die kunnen leiden tot verbinding met andere groepen, zijn dan: het vertrouwen in levenskracht, recht doen aan onrecht en je verplaatsen in een ander, dus mededogen. “Dat geeft een houding van openheid, eerbied, transparantie, luisteren”. Dat is volgens hem het wezenlijke humanisme. Voor Maas is de opgave: “Deemoed als grondhouding, als een vriend met onze aard en onze schaduwzijden, om tot onze kern te komen. Een humane, religieuze weg, ontvankelijk voor de mens, de medemens en de schepping”. Hij bepleitte “een spiritualiteit van beneden, niet van boven”.


Levenskunst. Na 2012 met de nieuwe naam De Vrijplaats en een andere formule, groeide de verbinding met een verbreed en spiritueel humanisme. Carel ter Linden deelde zijn zoektocht naar het antwoord op ‘Wat doe ik hier in Godsnaam?’ en filosoof Frank Meester sprak over ‘religie voor atheïsten’. Thema’s waren de maatschappelijke actualiteit, levenskunst en natuurbeleving. Ook werden er samen met het Humanistisch Verbond cursussen gegeven over de dialoog en ‘De Ziel, het Brein & het Zijn’. Succesvol was het jaarprogramma ‘het leven als reis’, over het proces van menswording met filmfragmenten en aandacht voor het belang van rituelen.


Voedsel. Uitspraken van leden over de betekenis van de Kring, het Beraad en de Vrijplaats in hun leven, zijn: “ik kon er mijn twijfels kwijt”, “het gaf me geestelijk voedsel”, “het gaf me wat ik elders soms miste”, “ik zag raakvlakken met de vrijmetselarij” en “het was een verrijking op mijn zoektocht”. Leden waren vaak dubbel lid, zowel bij De Vrijplaats als bij het Humanistisch Verbond of vrijzinnige gemeenschappen.


Hoe nu verder. Het is uiteraard heel prettig een rijke nalatenschap te hebben ontvangen; maar hoe kun je die op de beste manier beheren? Allerlei soorten verenigingen hebben het moeilijk. Het ledenbestand veroudert. Steeds minder mensen willen lid worden van een levensbeschouwelijke vereniging of  verantwoordelijkheid nemen voor bestuursfuncties. De financiële basis verzwakt met het teruglopen van ledenaantallen. Allerlei instituties op geestelijk terrein voeren daarom een ware concurrentieslag om te overleven. Toch vindt Nepveu “het belangrijk dat de bestaande instellingen, ook de religieus humanistische, zolang mogelijk in stand worden gehouden. Immers, het tij zou op den duur kunnen keren. In de huidige maatschappij dreigt het mensbeeld zó te verschralen dat de mens wordt gereduceerd tot alleen maar een “homo economicus”. Nu enerzijds de orthodoxie velen niet meer aanspreekt, maar ook het vrijzinnig protestantisme geen wervingskracht meer bezit, zou religieus humanisme wellicht aantrekkelijk kunnen worden”. Hoe het met dit gedachtegoed verder gaat, na 23 november 2018, wordt mede bepaald door wat u in de dialogen en het vervolg inbrengt. Na medio december zult u de presentaties, impressies van de dialoog en eventuele vervolgactiviteiten van anderen kunnen lezen op www.de-vrijplaats.nl. Hier vindt u ook de emailadressen van contactpersonen.

(Gebaseerd op het in het voorjaar 2019 te verschijnen boek ‘Pioniers en bruggenbouwers’, uitgever Papieren Tijger en het Humanistisch Historisch Centrum, auteur Marco Oostdijk, in opdracht van De Vrijplaats)


            Nog even napraten bij De Vrijplaats

Logo de Vrijplaats


Terug naar Home